Back

Artikel

Home

Enkelband verlaagt de kans op recidive

4 mrt 2014
Onderwerpen: Recht en economie

Kamerleden laten zich te zeer meeslepen door gevoelens van rechtvaardigheid wanneer zij in opstand komen tegen het plan van StaatssecretarisTeeven om een enkelband te gebruiken in plaats van opsluiting. Volgens de Tilburgse hoogleraar Bouwens is de enkelband een doelmatig middel waarmee de samenleving veel kosten kan besparen. Het verlaagt de kans op recidive en er zijn minder cellen nodig.

Kamerdebat criminaliteit

Afgelopen jaar liepen de emoties hoog op in de Tweede Kamer toen Fred Teeven zijn bezuinigingen wilde doorvoeren door onder meer de traditionele opsluiting deels te vervangen door beperking van bewegingsvrijheid via een enkelband. Het zou goed zijn als de kamer de kosten van deze emoties voor ogen werd gehouden. Wat altijd opvalt bij dit soort debatten is dat de volksvertegenwoordigers en andere leden van de samenleving zich richten op wat rechtvaardig is naar de samenleving - wraak op de crimineel die de samenleving schade toebracht- terwijl voordelen voor de samenleving van zo’n oplossing worden genegeerd. In dat licht was het onhandig van Teeven om zijn voorstel te pitchen als een bezuiniging. Hij had beter gebruik kunnen maken van feitelijk onderzoek dat aantoont dat de kans op recidive met ruim 40 procent afneemt als de enkelband opsluiting in de gevangenis vervangt. Gegeven de uitkomsten van het onderzoek is ook het ontwerp van een oplossing Teeven onhandig door zich te richten op een combinatie van celstraf en enkelband in plaats van of enkelband of celstraf. Dat alles neemt niet weg dat toepassing van de enkelband wel degelijk het bestaande detentiestelsel kan ontlasten. Het directe effect is dat minder cellen nodig zijn, en het indirecte effect omvat een reductie in het absolute aantal criminelen binnen onze samenleving.

Effecten: enkelband versus de cel

Waarom gaan criminelen zich anders gedragen wanneer zij in plaats van in de gevangenis hun straf ondergaan door een enkelband? Het is niet onmiddellijk duidelijk wat de gevolgen zijn van de de twee strafmaten. Aan de ene kant zou men verwachten dat van celstraf een meer afschrikwekkende werking uitgaat dan van een enkelband, waardoor een potentiële pleger zich minder snel zal inlaten met crimineel handelingen. De verwachting zou dan zijn dat criminaliteit toeneemt met de mate waarin de enkelband celstraf vervangt. Aan de andere kant, kan men met de enkelband worden voorkomen dat de crimineel met onverbeterlijke en zware criminelen in contact komt. Dit heeft een reducerende werking op de kans op recidive. Tevens kan iemand met een enkelband arbeid verrichten waarmee deze zich aldus terug kan werken in de legale sector van de samenleving. Dit kenmerk zou opnieuw de kans op recidive voor een enkelbanddrager verlagen tegen opzichte van de gevangene die een celstraf ondergaat.

Het waren deze twee tegengestelde krachten die die Rafael Di tella en Ernesto Schargrodsky motiveerden om het effect van celstraf versus enkelband te bestuderen. Specifiek bekeken zij in Argentinië de kans op recidive voor gevangenen die – rekening houdend met alle overige omstandigheden - hun voorarrest in de gevangenis doorbrachten of dat hun gangen werden beperkt door hen van een enkelband te voorzien. Argentinië is berucht om de lengte van het voorarrest welke wettelijk kan oplopen tot 2 jaar, maar welke in de praktijk vaak langer duurt. Echter, de kwaliteit van de bewijsstukken en vooral van getuigenissen zijn in de loop van de tijd aan slijtage onderhevig omdat belangrijke details worden vergeten of vervormd, of omdat getuigen hun oorspronkelijke verklaring geheel herzien. Het voorarrest eindigt om die reden vaak in een schikking tussen het openbaar ministerie en de verdachte waardoor deze nooit voor de rechter verschijnt alvorens hij wordt vrijgelaten. Deze schikking is voor het openbaar ministerie en voor de gevangene interessant omdat zij zich daarmee definitief ontdoen van een onzekere rechtsuitspraak.

De onderzoekers laten zien dat zij die hun voorarrest in de gevangenis doorbrachten een kans van 7,8 procent hadden om een jaar na vrijlating opnieuw te worden gearresteerd. Voor de enkelbanders is die kans 4,6 procent [1]. We zien, met andere woorden de kans op recidive met ruim 40 procent afnemen afhankelijk van of de arrestant een enkelband droeg tijdens zijn voorarrest of dat hij zijn voorarrest in de gevangenis doorbracht. Op deze uitkomst valt niets af te dingen als het om verschillen in de aard van criminaliteit gaat (stelen, roven, moorden). Wel zouden we ons kunnen afvragen of celopsluiting in Nederland gegeven de veel betere leefomstandigheden evenzeer de kans op recidive verhoogt als dat het geval is in Argentinië.

Doelmatige vrijheidsbeperking

De conclusie is dat de samenleving op twee manieren profiteert van de enkelband: de criminaliteit neemt af en het is niet langer nodig om aan de gevangene zo’n € 73.000 per jaar te besteden. We kunnen natuurlijk vasthouden aan de idee dat we wraak moeten nemen, maar die keuze heeft een hoge prijs. Het zou aan te bevelen zijn als in de Tweede Kamer een procedure werd aangenomen die bepaalt dat de kosten voor de samenleving van een emotioneel besluit expliciet worden gemaakt!

* Dit artikel is in verkorte vorm verschenen in het Financieele Dagblad van 3 maart 2014.

Voetnoot:

[1] Het is van belang hier vast te stellen dat deze percentages niet gelijk zijn aan het aantal recidivisten. Het gaat om het aantal opgepakte recidivisten, waarbij is verondersteld dat elke recidivist (gevangenis of enkelband) even veel kans maakt om te worden gearresteerd na een vergrijp.

Referentie:

Di Tella, R., en E. Schargrodsky, (2013) " Criminal Recidivism after Prison and Electronic Monitoring ." Journal of Political Economy vol. 121, no. 1.

Gerelateerde artikelen

Volledig artikel
© copyright 2016 Mejudice
Privacybeleid Voorwaarden voor gebruik