Back

Artikel

Home

Wie inflatiebelasting bepleit kent zijn geschiedenis niet en betreedt een mijnenveld

14 mei 2012
Dossiers: Eurocrisis
Onderwerpen: Monetair beleid
Inflatie is een van de meest schadelijke, maar ook een van de meest onrechtvaardige vormen van belasting. Wie deze basisles van de monetaire theorie en geschiedenis niet kent en een oplopende inflatie als heilzaam ziet, bevindt zich op een hellend vlak. Dat is de mening van Sylvester Eijffinger en Edin Mujagic. Het verbaast hen dan ook dat CPB-directeur Teulings licht denkt over een hoger inflatieniveau.

Vreemde uitspraak

Alles veel duurder maken. Dat is dé oplossing voor de crisis volgens Coen Teulings, directeur van het Centraal Planbureau (CPB). Op een bijeenkomst in Vught bepleitte hij eind vorige week 4 procent inflatie per jaar in Nederland. Hierdoor zou de Nederlandse schuld minder zwaar gaan wegen en zouden de landen in het zuiden van de eurozone concurrerender kunnen worden. Het is alsof Teulings, die tevens part-time hoogleraar is aan de Universiteit van Amsterdam, zijn beste studenten zou bestraffen door hun cijfers te verlagen alleen omdat hij het verschil tussen hen en de slechtste studenten wil verkleinen. Binnen de kortste keren zou er een opstand onder de studenten uitbreken. En terecht. De beste studenten worden gestraft voor de luiheid van de slechtste.

Vooropgesteld, convergentie is hard nodig in de eurozone. Het feit dat de eurolanden sinds de komst van de gemeenschappelijke munt verder uit elkaar zijn gegroeid, heeft de crisis verergerd. De spanningen binnen de Europese Centrale Bank (ECB) laten dat duidelijk zien. Door het uit elkaar groeien kon en kan de ECB geen ‘one size fits all’-rentebeleid voeren. De beleidsrente is altijd te hoog voor sommige eurolanden en tegelijkertijd te laag voor andere. Convergentie is daarom nodig op het gebied van inflatie. Maar het kan niet zo zijn dat de eurolanden convergeren naar de slechtste jongetjes in de klas, wat Teulings in feite bepleit.

Convergeren naar beste standaard

Alle eurolanden moeten convergeren naar de beste voorbeelden en dat zijn de landen met de laagste inflatie. Als hoge inflatie werkelijk goed was geweest, dan waren de overheden in Griekenland, Italië, Portugal en Spanje niet in zo diep in schulden geraakt. Hun hoge schulden zijn veroorzaakt doordat de inflatie in die landen structureel hoger lag dan de nominale beleidsrente en er dus sprake was van een negatieve reële rente. Dat zorgt voor de ‘bubbles’ die nu precies de problemen in zwakke eurolanden hebben veroorzaakt. Iedereen die hogere inflatie bepleit in Nederland en de eurozone, kent blijkbaar de nadelen daarvan niet, bagatelliseert die of wil die niet kennen.

Noodzaak prijsstabiliteit

Ook kennen diegenen die hoge inflatie bepleiten de kern van de muntunie niet. Die kern is namelijk de noodzaak van prijsstabiliteit. De grondleggers van de euro wisten heel goed dat de euro alleen een kans van slagen had als de muntunie een oase van prijsstabiliteit zou worden. Ook getuigt het bepleiten van hoge inflatie van weinig kennis van monetair beleid: geen enkele centrale bank heeft volledige controle over inflatie. Er is geen inflatie-instrument waarmee centrale bankiers kunnen bepalen hoeveel inflatie ze willen en voor hoe lang. En wanneer de inflatie de grens van 4 á 5 procent per jaar overschrijdt, dan gaat inflatie accelereren en nog verder oplopen. Bovendien zijn er lange en variabele vertragingen in het transmissieproces, waarbij de monetaire remweg varieert van 1 tot 1,5 jaar. De ‘bubble’-machine wordt dan onbeheersbaar.

Inflatiebelasting: schadelijk en onrechtvaardig

Hoge inflatie bepleiten is een nette verpakking van een voorstel dat erop neer komt dat de ijverige spaarders, en dat zijn de Duitsers en Nederlanders, gaan betalen voor diegenen die grote schulden hebben gemaakt. Inflatiebelasting (‘seigniorage’) verlaagt de nominale schuldenlast en tast de koopkracht van het spaargeld aan. Daarom is inflatie niet alleen de meest schadelijke, maar ook meest onrechtvaardige belasting.

Van hoge inflatie weten we een paar gevolgen zeker. Een daarvan is dat die vooral de middenklasse hard raakt. Aangezien een sterke middenklasse noodzakelijk is voor economische en politieke stabiliteit – populisme gedijt in tijden waarin de middenklasse onder druk komt – zet hogere en oplopende inflatie de deur open voor economische en politieke instabiliteit. Waar bepleiters van hogere inflatie dus in feite voor pleiten is het hard straffen van spaarders, belonen van schuldenaren, afknijpen van de middenklasse, economische en politieke instabiliteit en uiteindelijk opbreken van de muntunie.

* Dit artikel is tevens verschenen in de Volkskrant van 14 mei 2012.

Volledig artikel
© copyright 2016 Mejudice
Privacybeleid Voorwaarden voor gebruik