Back

Artikel

Home

Tegenwind voor notaris en apotheker niets bijzonders

8 jan 2010
Onderwerpen: Marktwerking
De dalende inkomsten van de notaris en apotheker leiden tot onrust, maar zijn business as usual, stelt Marcel Canoy. Wie als notaris of apotheker ondernemersrisico wil lopen, geniet nu niet alleen meer van de lusten van het ondernemerschap, zoals lang het geval was, maar draagt ook de lasten, zoals prijsoorlogen, een economische crisis en de kans op faillissement. Dat heet de markt. Wie dat risico niet wil nemen, moet maar in loondienst gaan werken.

Onrust onder notarissen en apothekers

In mijn dorp wonen de notaris en de apotheker in opmerkelijk ruime huizen. Ik gun iedereen zijn rijkdom, maar reflecteert die rijkdom een maatschappelijk toegevoegde waarde of is die eerder ontstaan door onhandig beleid of handig lobbywerk? Het kabinet heeft in beide gevallen ingegrepen. Kennelijk vond men het eerdere beleid onhandig. De beroepsgroepen zelf denken daar heel anders over. Bij notarissen is zelfs een heuse revolte ontstaan. De meeste notarissen zijn zo geschrokken van de prijzenoorlog dat ze minimumtarieven voor onroerend goed transacties willen. De apothekers trokken in hun eigen variant van de witte mars naar Den Haag om hun gram te halen. De vraag is of de discussie nu gaat over de merites van het gewijzigde beleid of eigenlijk over de hoogte van het inkomen.

Geloofsgoederen

Om het beleid te beoordelen, is het goed eerst de eigenschappen van de markt te bespreken. Hier zien we enkele opvallende parallellen tussen notarissen en apothekers. Ten eerste gaat het in beide gevallen om zogeheten geloofsgoederen. De waarde van de dienstverlening is voor de klant moeilijk te bepalen, zelfs na consumptie. De kwaal is over, maar hoe bepaal je of dit door het medicijn kwam of dat je zonder ook beter was geworden? Was een ander medicijn niet sneller of goedkoper? Zijn er alternatieven met minder bijwerkingen? Geen consument kan dit goed inschatten. Zo ook bij de notaris. Je kunt misschien tegenwoordig nog wel tarieven vergelijken, maar de kwaliteit van de dienstverlening is voor een gewone consument nauwelijks te bepalen. Bij apothekers geldt deze eigenschap nog wat sterker dan bij notarissen, maar daar staat tegenover dat je vaker bij een apotheek komt dan bij een notaris.

Toegevoegde waarde ziet in niet-standaard diensten

Kijken we naar de kant van de aanbieders, dan constateren we dat de meeste omzet gehaald wordt uit relatief standaard producten en handelingen. Bij notarissen zijn dat huizentransacties en allerlei varianten van samenlevingscontracten. Bij apothekers is het gros van de handelingen het schuiven van doosjes. De toegevoegde waarde van de notaris en de apotheker ontstaat juist bij het bepalen van de uitzonderingen en het vervolgens zorgvuldig omgaan met die uitzonderingen. Niet onbelangrijk uiteraard, maar het relativeert wel.

In de publieke beeldvorming zien we beide kanten hiervan belicht. Criticasters klagen dat er hoge tarieven betaald worden voor handelingen die voor elke assistent een routineklus is, terwijl de beroepsgroepen zelf juist de hoge risico’s benadrukken wanneer de uitzondering voor routineklus wordt aangezien. Zoals zo vaak hebben ze allebei een beetje gelijk. Het is als de automonteur die maar één moertje aandraait. De waarde zit hem in het bepalen dat er maar één moertje aangedraaid moet worden en in de keuze voor het soort moertje. Maar dat rechtvaardigt nog niet dat voor iedere simpele handeling de meestermonteur aan het werk gaat.

Als consumenten de kwaliteit van de dienstverlening niet goed kunnen beoordelen, werkt de markt in beginsel niet goed. Het reputatiemechanisme dat cruciaal is om het kaf van het koren te scheiden, is ontregeld. Laat me dit verduidelijken door notarissen en apothekers eens te vergelijken met een andere beroepsgroep die financieel niet zielig is: de mededingingsadvocaat. Ook bij mededingingsadvocaten is het moeilijk de kwaliteit van de dienstverlening te beoordelen. Toch werkt daar om twee redenen de markt veel beter. Ten eerste is er bij de consument sprake van herhaalde aankopen. Ten tweede gaat het veelal om consumenten met een zodanige omvang (bijvoorbeeld multinationals) dat ze in staat zijn zelf kennis te ontwikkelen die hen in staat stelt de informatieachterstand te verkleinen. Bij de deelmarkt van dienstverlening voor het MKB lijken mededingingsadvocaten weer meer op notarissen.

Inkomen daalt, dus marktwerking verdacht

De mededingingsadvocaten mogen hun royaal belegde boterhammen dus rustig blijven consumeren, vooral als die door multinationals betaald worden. En als die boterhammen in crisistijd wat minder royaal worden belegd, staan ze niet meteen met zijn allen op het Malieveld. Voor notarissen en apothekers ligt dat niet zo simpel. Beide beroepsgroepen zijn door verschillende kabinetten Balkenende aangepakt. In beide gevallen was dat terecht. Notarissen liepen slapend binnen door de hausse op de huizenmarkt en hoge tarieven voor samenlevingscontracten, terwijl apothekers flink profiteerden van perverse kortingen en bonusregelingen. In beide gevallen vergeten de brancheorganisaties dit als vertrekpunt te nemen van de discussie. Beide brancheverenigingen kijken daarom met een vies gezicht naar marktwerking, niet omdat er principiële bezwaren lijken te zijn tegen de nieuwe ordening, maar omdat het inkomen daalt.

Hierbij speelt padafhankelijkheid natuurlijk een grote rol. Men was gewend aan een bepaald inkomensniveau en rust. Aan dat weelderige inkomen is nu een einde gekomen en van rust is allang geen sprake meer. Voor jonge notarissen en apothekers die een stevige goodwill betaald hebben, is het wel zuur. Maar voor de consument is dit allemaal beter. Niet alleen dalen de prijzen, maar ontstaat meer differentiatie en aandacht voor dienstverlening.

De maatschappelijke toegevoegde waarde van beide beroepsgroepen ligt in het zorgvuldig omgaan met uitzonderingen. Dit vertegenwoordigt ook een publieke taak. Bij apothekers is het een publiek belang dat mensen goede medicijnen in de juiste doseringen krijgen. Bij notarissen is belangrijk dat er een onpartijdige scheidsrechter is bij gevoelige of grote transacties. Wat betekent dit voor de ordening?

Nieuwe realiteit

In mijn ogen moeten het kabinet en de beroepsgroepen een keuze maken. Een marktgerichte variant impliceert lusten en lasten. Ook semi-publieke ondernemers mogen best marktrisico lopen. De notarissen moeten het in laagconjunctuur uitzingen en niet zeuren over de fraude die dan ontstaat. Los die fraude dan maar op als beroepsgroep. Notaris Anna de Vries, voorzitter van notarissenvereniging De Nieuwe Stempel, en één van de initiatiefnemers achter de muiterij, merkt op dat de financiële nood de beroepsmoraal erodeert. ‘Steeds meer notarissen sluiten dealtjes met woningcorporaties, banken en andere grote clubs. Die beloven de notaris dan een grote hoeveelheid aktes, mits hij bereid is af en toe een oogje dicht te knijpen.’ Maar waarom hangt ethisch besef samen met de hoogte van beloningen? De bankencrisis heeft ons toch pijnlijk duidelijk gemaakt dat het zo niet ligt. Vindt mevrouw de Vries het dan ook logisch dat bijvoorbeeld kappers zwart zouden gaan werken om aan een hoger inkomen te komen? Het lijkt erop dat de beroepsvereniging wel met het kabinet wilde meebewegen, maar dat de leden de nieuwe realiteiten niet onder ogen willen zien (want wat is er eigenlijk mis met prijsvechters?).

Bij apothekers is de marktvariant anders omdat de NZa de tarieven en daarmee het norminkomen bepaalt. De apothekers concurreren daarmee alleen op volume en dienstverlening. Halen ze een te laag volume, dan komen ze in de problemen. Nederland heeft een hoge dichtheid apothekers, dus erg is het niet als er een paar afvallen.

Het is merkwaardig dat we in Nederland een aantal ondernemers kennen die feitelijk nauwelijks ondernemersrisico lopen. Voor notarissen en apothekers was dat tot voor kort het geval. Medisch specialisten en huisartsen staan binnenkort ook op het menu. Als de beroepsgroepen geen marktrisico willen lopen, moeten ze maar in loondienst gaan werken. Willen ze het wel, dan behoren daar lasten en lusten bij. Gaan er dan een paar failliet? Welcome to the world, zou ik zeggen.

Dit artikel is eerder in het tijdschrift Markt en Mededinging verschenen.

Volledig artikel
© copyright 2016 Mejudice
Privacybeleid Voorwaarden voor gebruik