Back

Artikel

Home

Scheve inkomensverhoudingen zijn schadelijk voor de economie

11 sep 2009
Onderwerpen: Inkomensongelijkheid
Onderwijs is de koninklijke weg om een rechtvaardiger inkomensverdeling te bereiken. De excessieve beloningen die richting hoogopgeleiden gaan, werken echter contraproductief en vernietigen de intrinsieke motivatie. De noodzaak tot beperking en verantwoording van de mensen die topinkomens verdienen is groot, aldus Rick van der Ploeg.

Er is meer in het leven dan geld

“Geld maakt niet gelukkig. Het is beter te geven dan te nemen. Het enige wat ze niet van je kunnen afpakken, is een goede opleiding.” We hadden zat geld thuis, maar dit soort protestantse wijsheden van mijn ouders dragen nog steeds bij aan mijn geluk. Want het geluk zit niet in het hebben van de laatste Maserati, maar in wat je kunt betekenen voor anderen. En dat je elke dag de kans kunt grijpen iets te leren of te begrijpen en door iets geraakt te worden.

De Nederlandse Nobelprijswinnaar economie (1969), Jan Tinbergen, is bekend om zijn baanbrekende ontwikkeling van de econometrie, maar ook voor zijn studies naar ongelijkheid. Hij zag dat door technologische ontwikkelingen de lagergeschoolden steeds minder aan het werk komen en minder verdienen, terwijl hogeropgeleiden ervan profiteren. Ook globalisering heeft ongelijkheid tussen geschoolden en ongeschoolden in westerse samenlevingen enorm vergroot. De hoogopgeleiden profiteren immers van goedkope migranten die karweitjes doen die anderen niet willen doen, terwijl laagopgeleiden hun werk zien verdwijnen naar China en India.

Onderwijs beste middel

De koninklijke weg naar een gelijkere inkomensverdeling is daarom onderwijs. Door expansie van het aantal hoogopgeleiden dalen hun verdiensten en wordt de ongelijkheid minder. Dat remt economische prikkels veel minder dan achteraf inkomensverschillen wegpoetsen met progressieve belastingen en subsidies voor lagere inkomens.

Ondanks ongekende expansie van hogeropgeleiden in westerse landen heeft het aanbod de vraag naar hogeropgeleiden niet kunnen bijbenen. Dat heeft alles te maken met razendsnelle technologische ontwikkelingen en globalisering. Maar ook met de steeds ingewikkelder en dus minder transparante manieren van zakendoen, vooral in de financiële wereld, waardoor gewone burgers voor de gek worden gehouden en er torenhoge salarissen en bonussen worden verdiend.

Topsalaris is mazzel

Mensen met een schaars talent dat wereldwijd te gelde valt te maken en met ambitie om grof geld te verdienen, verdienen daarom bakken met geld. Vaak heeft dat niets met talent te maken, maar met mazzel dat het toevallig goed gaat met het bedrijf waar je de baas van bent. Later blijkt dan vaak dat die managers het niet altijd goed blijven doen. Geen wonder dat het onderzoek van mijn collega Sir Tony Atkinson aantoont dat het percentage dat de top-1 procent van inkomens zich weet toe te eigenen de laatste twintig jaar spectaculair gestegen is, vooral in het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten, maar ook in Nederland. Terwijl landen met de meest rechtvaardige inkomensverhoudingen macro-economisch bezien beter presteren.

Excessieve beloning contraproductief

Jan Tinbergen stelde dat de hoogstbetaalden niet meer mochten verdienen dan vijf keer het loon van de laagstbetaalden in een organisatie. Deze norm laat genoeg ruimte om mensen te compenseren die vuil, onprettig werk doen of op onregelmatige tijden of ’s nachts werken. Maar Tinbergen vond vooral dat het contraproductief is voor het goed functioneren van de organisatie als de top meer betaald krijgt dan deze norm. Zeg dat de laagstbetaalden 20 procent meer verdienen dan het wettelijk minimumloon, ongeveer twintigduizend euro bruto per jaar, dan mag de top niet meer dan een ton verdienen. Dat is nog altijd 30 procent minder dan de Balkenendenorm (het salaris van de minister-president).

Hoe kan een manager zijn werknemers motiveren hard te werken of de lonen te matigen om de concurrentie te lijf te gaan, als hij twintig keer zoveel verdient? Een organisatie dankt haar succes aan teamwork, niet alleen aan prima donna’s, maar teamwork wordt door scheve inkomensverhoudingen binnen de organisatie ondermijnd. Als de productiviteit van de besten geprikkeld wordt door extreem hoge prestatiebeloningen, dan schaadt dat de intrinsieke motivatie om dingen voor de organisatie te doen. Maar het loopt pas echt de spuigaten uit als er schandalig veel wordt verdiend in organisaties die gefinancierd worden met publieke middelen.

Vanwaar topbeloningen in publieke sector?

Toch zijn er duizenden in de semipublieke sector die meer dan de premier verdienen. Er is echter geen reden waarom de president van De Nederlandsche Bank, de voorzitter van de Autoriteit Financiële Markten, de voorzitter van een universiteit, hogeschool, ziekenhuis, woningcorporatie of een presentator bij de publieke omroep buitensporig veel meer moet verdienen dan de premier. Ze lopen immers veel minder afbreukrisico dan de premier of een baas van een bedrijf dat in de markt moet overleven.

PvdA-partijvoorzitter Lilianne Ploumen vindt dat partijgenoten die boven de Balkenendenorm zitten niet meer in aanmerking komen voor een ministers- of burgemeesterspost. Prima, in zoverre het gaat om de meest exorbitante graaiers. Maar het is onzin om iedereen die meer dan Balkenende verdient uit de PvdA te gooien. De PvdA is immers een middenpartij die draagvlak voor een sterke, solidaire economie zoekt onder zowel de hoogste als laagste inkomens. Beter is het om de Balkenende- of liever nog de Tinbergennorm eindelijk eens serieus te handhaven voor de semipublieke sector.

..en in private sector?

En wat te doen met de gigantische salarissen die betaald worden in de financiële wereld. Dat oud-minister Joop Wijn en vriend van Wouter Bos bij een ‘staatsbedrijf’ als ABN Amro zes ton verdient, is bizar en niet te rechtvaardigen, en zeker niet door zijn goede contacten in het Haagse.

Belang van beperking

Hopelijk is minister Bos samen met zijn Europese collega’s succesvol in het aan banden leggen van bonussen in de financiële wereld. Overheden hebben immers wereldwijd 5.000 miljard dollar gepompt in het redden van het financiële stelsel. Maar het gaat niet alleen om de hoogte van bonussen, managers moeten ook inleveren als ze er een zooitje van maken en beloningen moeten worden gekoppeld aan langetermijnresultaten. En het gaat om meer transparantie en meer publieke verantwoording van degenen die menen recht te hebben op torenhoge salarissen. Er is nog een lange weg te gaan voordat recht wordt gedaan aan de ethiek van Tinbergen.

* Dit artikel verscheen eerder in NRC Handelsblad van 9 september 2009

Referentie:

Atkinson, A.B. en W. Salverda, 2005, Top Incomes in the Netherlands and the United Kingdom over the 20th Century, Journal of the European Economic Association, 3: 883-913.

Gerelateerde artikelen

Volledig artikel
© copyright 2016 Mejudice
Privacybeleid Voorwaarden voor gebruik