Back

Artikel

Home

Rector strijkt 34 procent extra salaris op, zomaar

22 dec 2011
Onderwerpen: Onderwijs en wetenschap
Rectoren van middelbare scholen kunnen een salarisverhoging tegemoet zien van niet minder dan 34 procent. Dat is in de CAO afgesproken. Een dergelijke grote salarisstijging zou te verdedigen zijn als daar een aantoonbare prestatieverbetering tegenover staat, maar dat is niet het geval, stelt Jan Bouwens. De minister van Onderwijs moet daarom deze afspraak annuleren. En het onderwijs moet haar prestaties inzichtelijk gaan maken voor de belastingbetaler.

Groter, dus meer salaris?

Het salaris van een rector op een middelbare school is onlangs opgetrokken van €98.000 naar €131.000. Dat is een stijging van 34 procent. Net als in ondernemingsland is door de werkgevers en hun toezichthouders in het voorgezet onderwijs bedacht dat de omvang van het bedrijf bepalend moet zijn voor de hoogte van het salaris. De ratio hiervan is dat grote bedrijven moeilijker bestuurbaar zijn en het aanbod van hiervoor geschikte managers klein is. Maar wacht eens even, is het een feit dat het type manager dat de school bestuurt zo zeldzaam is dat er op de markt een premie voor moet worden betaald? Is het niet een feit dat in ondernemingsland alleen een premie wordt betaald als de manager prestaties toont?
Als we kijken naar de schoolkwaliteit, dan moeten we vaststellen dat de kwaliteit van de opgeleide leerling niet is toegenomen. In tegendeel het Ministerie van Onderwijs neemt maatregelen om de onderwijskwaliteit te verhogen. Volgend schooljaar mogen havo- en vwo-leerlingen voor de drie kernvakken Nederlands, Engels en wiskunde maar één vijf scoren op hun Centraal Schriftelijk Eindexamen. Over het bedroevende niveau van ons VMBO – de bakermat voor emancipatie van onze minder bedeelde burgers – zullen we maar zwijgen. Alle reden dus om managers te zoeken die aanzienlijke verbeteringen in het onderwijs realiseren.

Beloning niet prestatiegerelateerd

Wat mij betreft mogen mensen die deze verbeteringen realiseren best meer verdienen, bijvoorbeeld een bij de realisatie van een aanzienlijk betere score bij het Centraal Schriftelijk Eindexamen en bij de realisatie van een aanzienlijke reductie in het aantal vroegtijdige schoolverlaters. Helaas is het zo niet geregeld. De regels luiden dat: een rector automatisch ruim 10 procent meer gaat verdienen dan voorheen als zijn school meer dan 4000 leerlingen opleidt, 15 procent opslag volgt omdat hij vrije dagen inlevert en hij ontvangt nog eens vijf procent extra als zijn werkgever meent dat hij een moeilijke school leidt. In tegenstelling tot de situatie in het bedrijfsleven is zijn inkomensstijging dus onafhankelijk van zijn prestaties. Blijven zitten is genoeg.
De 34 procent verbetering zouden we kunnen billijken als de schoolprestaties significant toenamen. Pas als we inzage krijgen in onder zijn bewind aangebrachte verbeteringen, kan de samenleving begrip tonen voor een dergelijke salarisverhoging. Het wordt dus hoog tijd dat rectoren verantwoording afleggen over de prestaties van hun leerlingen. Voor nu geldt dat de bedenkers van dit salarisgebouw – de Vereniging van Toezichthouders Onderwijs en de Onderwijsbestuurders – zich moeten schamen voor zo’n ambitieloze CAO. Kan de minster dit akkoord niet alsnog onverbindend verklaren?
Een korte versie van dit artikel is 22 december verschenen in Het Financieele Dagblad.

Bron foto: Flickr.

Volledig artikel
© copyright 2016 Mejudice
Privacybeleid Voorwaarden voor gebruik