Back

Artikel

Home

Het Brexit-gevoel valt niet uit te rekenen: over leiders die hoofd en hart verbinden

17 jun 2016
Onderwerpen: Europese integratie

Het referendum over het Britse EU-lidmaatschap lijkt op een Brexit uit te draaien. Ook al komen economen en politici met argumenten die een appèl doen op de rede, het ‘leave’ kamp onder leiding van Boris Johnson hameren vooral op de dreiging van de EU en open grenzen. Het gevoel lijkt het te winnen van de rede. Volgens Garretsen en Stoker is een behoud van het VK in de EU alleen nog mogelijk als Cameron en de zijnen niet alleen het hoofd maar ook het hart van de kiezer weten te vinden.

‘Big mistake’ volgens economen

Economen zijn het onderling vaak niet eens, maar over de gevolgen van een mogelijke Brexit heerst een ongekende eensgezindheid. Uit een enquête onder Britse economen blijkt bijvoorbeeld dat bijna 90 procent van mening is dat een Brexit de Britse economie grote schade zal toebrengen. Over de precieze effecten lopen de meningen uiteen, maar John van Reenen van het toonaangevende Centre for Economic Performance houdt het erop dat het inkomen per hoofd in het VK met maar liefst 8 procent zal dalen indien de Britten op 23 juni in meerderheid voor ‘leave’ stemmen. De oproep van economen aan de Britse kiezers om vooral voor het behoud van het EU lidmaatschap te stemmen, uit zich niet alleen in talloze schadeberekeningen, maar ook in een directe deelname aan het publieke debat. Zo concludeert de Engelse econoom Nick Bloom, hoogleraar op Stanford University in de VS, in een open brief dat “not surprisingly every economist I know – Americans and European – believes Brexit will be a bad mistake for the UK, leading to large loss of jobs and money for the British ”.

En inderdaad, of het nu om internationale beleidsorganisaties als het IMF of de OECD of om Nobelprijswinnaar economie Paul Krugman gaat, ook buiten het VK zijn er hoegenaamd geen economen te vinden die een Brexit een goed idee vinden. Integendeel, een eventueel vertrek van het VK uit de EU wordt niet alleen als zeer schadelijk voor het VK gezien, maar ook als slecht nieuws voor de rest van de EU en zelfs voor de wereldeconomie. Vorige week nog liet het Centraal Planbureau een studie het licht zien waarin de kosten van een Brexit voor alleen de Nederlandse economie al op 10 miljard euro worden geraamd.

…en andere ‘weldenkenden’

Alsof deze voorspelde ‘hel en verdoemenis’ uit het economenkamp nog niet genoeg is, is er ook nog een hele stoet aan weldenkende, vooraanstaande personen en instanties binnen en buiten het VK die de kiezers oproepen op 23 juni voor ‘remain’ te stemmen. Zo lieten 13 Nobelprijswinnaars in navolging van Stephen Hawking weten dat een vertrek uit de EU desastreus zou zijn voor de Britse wetenschap. En - in een poging vooral de jonge Britten aan te spreken – deed actrice Keira Knightley in 30 seconden in niet mis te verstane bewoordingen uit de doeken waarom het VK alleen een toekomst binnen Europa en de EU heeft. Ook politici uit verschillende landen en van verschillende politieke kleur deden van zich spreken, zoals onze eigen minister-president Rutte. En voor wie het na dit offensief van de redelijkheid nog niet duidelijk zou zijn dat Brexit een heel slecht idee is, is er nog de mening van de machtigste persoon op deze aardbol, Barack Obama, die tijdens zijn bezoek aan het VK in april een Brexit niet alleen ontraadde, maar ook stelde dat - bij toekomstige handelsbesprekingen met de VS - de “ U.K. is going to be in the back of the queue” als het tot een Brexit zou komen.

Brexit speelt in op gevoel kiezer

Maar als de peilingen niet bedriegen, is het zeer denkbaar dat het bovenstaande niet zal baten: de kans op een ‘leave’ is reëel. De tegenstemmers, onder aanvoering van de Britse politicus Boris Johnson, lijken erin in te slagen de waarschuwingen van economen simpelweg af te doen als bangmakerij; hiermee weten ze veel kiezers ervan te overtuigen dat zij, anders dan de heersende elite, per saldo beter af zijn zonder Brussel. Dat is een verhaal waarbij het vertrek uit de EU wordt gelijkgesteld aan een herwonnen autonomie, waarin de Britten weer - zoals ‘vroeger’ - hun eigen lot kunnen bepalen. Het is een redenering die niet zozeer stoelt op rekenmodeluitkomsten met een paar procent meer of minder handel of groei als gevolg van een Brexit, maar veeleer appelleert aan emoties en angstgevoelens: het draait allemaal om het idee dat Europese integratie en een wereld van open grenzen niet langer vooruitgang betekenen, maar juist bedreigend zijn. Dat Johnson en de zijnen zelf ook deel uitmaken van de politieke elite en opportunisme zeker Johnson niet vreemd is, doet niets af aan het feit dat het ‘leave’-kamp een boodschap heeft die appelleert aan gevoelens van veel kiezers en daarmee straks dus wellicht zelfs een meerderheid van de Britse kiezers overtuigt.

Angst voor open grenzen

De gang van zaken rondom Brexit is exemplarisch voor een fenomeen dat we op dit moment wereldwijd kunnen waarnemen: de kloof tussen rationele, gematigde politici en burgers die zich in hun stemgedrag vooral door emoties laten leiden. De stelling dat een economie per saldo profiteert van deelname aan de EU en dat dit x% meer groei of banen oplevert, is overduidelijk een strategie gebaseerd op analyse en verstand. Maar geen enkele modeldoorrekening van de effecten van Brexit adresseert direct de angst en de dreiging die voor veel kiezers nou precies de kern van het onderwerp is. Ook in andere landen binnen Europa worden open grenzen vooral als bedreigend gezien, en spelen allerlei, vooral populistische, partijen in op de angst voor verandering, bedreiging van buiten, en de uitholling van eigen (nationale) autonomie. En Donald Trump probeert met een dergelijk emotioneel verhaal president van de VS te worden.

De rede overtuigt niet

Los van de inhoudelijke vraag of open grenzen of globalisering wel of niet goed kunnen (blijven) samengaan met nationale beleidsvrijheid (zie onze twee eerdere bijdragen), legt deze discussie vooral een pijnlijk misverstand tussen genuanceerde wetenschappers en rationele, gematigde politici enerzijds, en een groot deel van het electoraat anderzijds bloot. Daar waar de hoogopgeleide ‘verstand’-strategen maar blijven hameren op abstracte, theoretische voordelen van een globale economie, voelen de tegenstanders zich in hun bezwaren, gevoelens en angsten niet serieus genomen. Want de enige reactie vanuit het ‘verstand’-kamp is een zoveelste beredeneerde argumentatie waarom die angst niet terecht is volgens het “we zullen het nog 1x uitleggen” model. Maar deze strategie overtuigt dus allerminst, en is vooral een bevestiging van de kloof tussen beide kampen: “ze begrijpen ons niet”. En de politicus die hier juist wel op weet in te spelen door de bedreiging van buiten te benadrukken en liefst nog uit te vergroten, vindt een gewillig oor.

Charisma gevraagd

Is het dus te laat voor het ‘remain’-kamp en wordt het op 23 juni daadwerkelijk een Brexit? Wellicht wel, als de rationele bewoners van dit kamp maar cijfers en feiten blijven produceren die volgens Britse psychologen alleen maar bijdragen aan het negativisme rond het referendum. Op de een of andere manier zullen Cameron en de zijnen de weg naar het gevoel van de kiezer moeten vinden. Daar waar de Brexit-aanhangers vooral angst en de dreiging van de andere kant van het Kanaal benadrukken, zal het ‘remain’-kamp positieve emoties moeten gaan vinden en benoemen. Dat vraagt om leiderschap waarbij een ‘emotioneel appel’ gedaan wordt op de kiezers (Loseke, 2009); dit wordt in leiderschapsliteratuur ook wel charismatisch leiderschap genoemd. Dergelijke leiders communiceren met beelden, met het benadrukken van een gedeelde sociale identiteit, met het personifiëren van het doel, en met juist minder verwijzingen naar allerlei abstracte concepten en rationele feiten (Fiol, Harris & Huse, 1999; Seyranian & Bligh, 2008). Het gaat dus vooral om de ‘framing’ van de situatie, waarbij angstgevoelens worden gepareerd met emoties als hoop en verandering (zie ook het werk van George Lakoff in deze uitzending van Tegenlicht). En er zijn ook voorbeelden van politici die hiertoe nadrukkelijk een poging doen, denk aan de wijze waarop Obama, Trudeau in Canada, of dichter bij huis Klaver en Aboutaleb proberen om waarden en gevoel in hun verhaal te benadrukken.

Na ook de moord op Jo Cox en met een nek aan nek race in de peilingen heeft Cameron nog maar een paar dagen om de verbinding tussen hoofd en hart bij de kiezers te bewerkstelligen. Kijk en oordeel zelf: voor de technocratische “pas op”-benadering van David Cameron waar het hoofd wordt aangesproken maar het hart waarschijnlijk niet sneller van gaat kloppen, versus precies het omgekeerde bij zijn rivaal Boris Johnson. Als Cameron met al zijn rationele argumenten het ‘remain’ verhaal wil laten winnen, doet hij er goed aan voor 23 juni zijn eigen versie van de hoop en verandering boodschap van Johnson te bedenken. Voor een voorbeeld hoe dat zou kunnen, zie deze brief van een 96-jarige Britse oorlogsveteraan die slechts weinig woorden nodig heeft om uit te leggen waarom het VK in de EU thuishoort.

Referenties

Fiol, C.M., Harris D. en House R.J. (1999). Charismatic leadership: Strategies for effecting social change. The Leadership Quarterly, 10, 449–482.

Loseke, D. R. (2009). Examining emotion as discourse: Emotion codes and presidential speeches justifying war. The Sociological Quarterly, 50(3), 497-524.

Seyranian, V., & Bligh, M. C. (2008). Presidential charismatic leadership: Exploring the rhetoric of social change. The Leadership Quarterly, 19(1), 54-76.

Gerelateerde artikelen

Volledig artikel
© copyright 2016 Mejudice
Privacybeleid Voorwaarden voor gebruik